De fictie van Nietzsches Wille zur Macht

Het meest bekende en invloedrijke boek van Nietzsche “Der Wille zur Macht” is helemaal geen boek, en is ook niet van Nietzsche.

Wat is er aan de hand?

Friedrichs zus (Elisabeth Förster-Nietzsche ) heeft postuum een boek gecompileerd (samengesteld) uit aantekeningen in Schriftjes, notitieblokjes, losse vellen papier uit de periode 1885-1888 (in de verzamelde uitgave 2 delen, ca. 1000 bladzijden), met de titel Der Wille zur Macht. Selectiecriterium en ordeningsprincipe zijn in zo’n geval allesbepalend. Cf. Who frames the question determines the answer… Beide zijn bepaald door zijn zus (en enkele anderen, m.n. Heinrich Köselitz, alias Peter Gast, een toegewijde vriend van Nietzsche). Zij hebben het resultaat van hun werk vervolgens in de markt gezet als Nietzsche’s Unvollendete , zijn hoofdwerk: Dat wat hij eigenlijk had willen zeggen, maar waar hij jammer genoeg nooit aan toegekomen is, maar dat wij nu…. Wonderlijk genoeg is deze gang van zaken eigenlijk al bekend sinds de publicatie van de eerste (later verworpen) editie in 1901. Toen had Elisabeth namelijk een eerste selectie (483 aforismen) laten bundelen, redigeren, en uitgegeven. Maar ze was niet tevreden met het resultaat en brak met de ‘redactor’ (Fritz Kögel), die haar sinds 1894 had bijgestaan bij de uitgave van Nietzsche’s verzamelde werken. Er waren al 12 delen verschenen. 8 delen met gepubliceerde werken en 4 met nagelaten werken en Der Wille zur Macht. Die laatste vier werden ingetrokken. De uitgave viel stil. Er werden nieuwe redacteuren aangetrokken (o.a. de gebroeders Horneffer; dr. Otto Weiss kreeg de wetenschappelijke eindverantwoordelijkheid). Tussen 1906 en 1911 verscheen dan de ‘definitieve’ uitgave, zowel van de nagelaten werken (en fragmenten) en Der Wille zur Macht (versie 2: gegroeid tot 1067 aforismen, een aanzienlijke uitbreiding, herschikking, maar ook weglating).

Alleen deze ontstaans- en uitgavegeschiedenis zou tot terughoudendheid hebben moeten leiden bij de lezers en interpreten van Nietzsche, zeker qua acceptatie van de autoriteit van Der Wille zur Macht (4 delen), als boek. Toch heeft men deze compilatie vrij snel als Nietzsche’s hoofdwerk aanvaard en is men – en dat zelfs tot op vandaag – geneigd langs dit fictieve spoor Nietzsche te benaderen. Men interpreteert (propageert/bestrijdt) Nietzsche als de filosoof van de ‘Wil tot macht’ die achter, onder, in alles zit, een imago dat mede door dit boek is opgeroepen. En als het al een kern van waarheid bevat – en dat doet het – dan is die door dit boek buiten proportie opgeblazen.

De echte stem van Nietzsche is hierdoor onnodig lang overstemd, gesmoord.

Sinds de publicatie van de volledige nagelaten aantekeningen inclusief degenen die Elisabeth eruit had gehaald om het fictieve boek mee samen te stellen (50 jaar geleden in het Duits, recentelijk ook in het Nederlands vertaald), is het zonneklaar dat Nietzsche wel heel wat – onderling nogal verschillende – schema’s heeft ontworpen voor een nieuw groot werk, en dat in een bepaalde periode de titel ‘Der Wille zur Macht‘ door z’n hoofd speelde (maar altijd naast andere, en met wisselende ondertitels, en gevolgd door heel verscheiden indelingsschema’s). Nu al die aantekeningen weer bij elkaar staan, chronologisch geordend, wordt duidelijk dat er gewoon geen selectiecriterium is, dat kan beslissen over inclusie/exclusie van een opmerking, een fantasievolle gedachte, een complexe gedachtenoefening, in een omvattend systematisch werk. Willekeur was dat dus, bepaald door een ulterior motive. Temeer daar uit de aantekeningen ook duidelijk blijkt dat Nietzsche aan het eind van de zomer van 1888 terugkomt van zijn idee om een omvattend werk samen te stellen. Der Wille zur Macht als titel is al eerder gedropt, maar nu verdwijnt ook de idee van het alomvattend boek naar de achtergrond. Als er al ‘indexen’ verschijnen hebben zo vaker Umwerthung aller Werthe als titel, of – laatste poging: Magnum in parvo: Eine Philosophie im Auszug (Het grote in het kleine. Een uittreksel als filosofie). Als je de bijbehorende hoofdstukindeling bekijkt, dan zie je dat hier eigenlijk al teruggeplooid wordt op een veel kleiner werk, en als puntje bij paaltje komt is dit een combinatie van Götzendämmerung en Der Antichrist 1 In z’n laatste actieve periode heeft Nietzsche al z’n energie gestoken in de samenstelling (het schrijven, componeren) van concrete publicaties: Götzendämmerung, Antichrist noemde ik al. Daarnaast Der Fall Wagner, en de Dionysos-dithyramben… en niet te vergeten: zijn auto-mythobiografie Ecce homo. Dat is – heel precies – de output van zijn laatste manische periode. De rest zijn… nagelaten aantekeningen. Geen systematisch werk.

Wilt u meer weten (preciezer), lees dan verder.

Als u genoeg weet, dan kan ik u adviseren om gewoon Nietzsche te gaan lezen, en eens te horen wat hij te zeggen heeft, los van zijn fictionel imago. Bijv. een selectie vertaalde gedachtenoefeningen uit de Vrolijke Wetenschap.

Vervolg: Nagelaten fragmenten

Alle losse aantekeningen die Nietzsche heeft nagelaten zijn in de Kritische Gesamtausgabe gebundeld in een 7 delen met de titel : Nachgelasse Fragmente | Nagelaten fragmenten. De twee delen 2 die de periode 1885-1888 beslaan, bevatten alle tekst uit 22 handgeschreven bronnen (15 grote schriften, 3 notitieboeken en 4 mappen met losse vellen).3 Het is een volledige en manuscript-getrouwe weergave van alle fragmenten, ontwerpen, plannen en titels die zijn bewaard, vanaf herfst 1885 tot aan het einde van Nietzsches scheppende leven begin 1889. Alles, d.w.z. ze bevatten dus ook al het materiaal dat eruit verwijderd was om het Der Wille zur Macht | De wil tot macht samen te stellen. Dat zijn (nu dus: waren) immers communicerende vaten: Wat in WzM werd opgenomen, was weggeplukt uit de Nachlass. Daarom moest bij een dikkere verse van WzM de Nachlass dunner worden (en dus opnieuw geredigeerd en uitgegeven, — dit verklaart de breuk in de eerst grote uitgave van Nietzsches Werke, de zogeheten Grossoktavausgabe.

In chronologische opeenvolging gelezen bieden de fragmenten een zeer precies en bijna ononderbroken beeld van wat er zoal in Nietzsche’s hoofd speelde, en wat zijn literaire intenties waren tussen de herfst 1885 tot begin januari 1889 (het moment van zijn collaps). Hij speelde inderdaad met het plan een groot verzamelwerk uit te geven. Allerlei titels en indelingen passeren de revue. Een compilatie onder de titel Der Wille zur Macht komt naar voren, maar eigenlijk is de titel Umwertung aller Werte minstens zo opvallend (dat is de ondertitel geworden). Niet alleen de titel, maar ook het concert wordt diverse keren gewijzigd, en verdwijnt in september 1888 uit beeld. In plaats daarvan zet hij zich tot de samenstelling van nieuwe thematische bundelingen: Zur Genealogie der Moral, Götzendämmerung, der Antichrist, der Fall Wagner en zijn automythografie: Ecce homo.

Een cruciale datum: 26 augustus 1888

Nietzsche noteert nog maar eens een reeks hoofdstuktitels onder de titel Der Wille zur Macht. Dit is zijn “letzter Plan” (consensus onder Nietzsche vorsers). Na deze laatste schets – en dit is belangrijk – komt de titel ‘Der Wille zur Macht’ niet meer voor in zijn aantekeningen. De ondertitel ‘Umwerthung aller Werthe‘ wel, maar nu met nieuwe rubrieken. Daar wordt bijv. de ‘Antichrist’ genoemd als eerste deel. Ook verschijnt Magnum in parvo als een fragmentarisch filosofische werk ten tonele (zie boven). En er zijn plots notities met allerlei variaties op ‘Götzendämmerung‘ (titels en subtitels, de een al inventiever dan de ander). Nietzsche is op zoek naar een titel voor een nieuw werk dat hij wil uitgeven. En inderdaad: Laatstgenoemd boekje is kort nadien persklaar (“ins Reine” geschreven). Het is een uittreksel uit zijn filosofie in fragmenten, niet het begin van een systematisch omvangrijk werk… zoals het door zus en vriend uit allerlei niet afgewerkte notities samengesteld fictieve (fake) boek. Ook de ‘Antichrist’ wordt nog door Nietzsche afgewerkt, maar pas veel later gepubliceerd. Ook dit is geen systematisch filosofisch werk, maar … een fel pamflet. Nietzsche blijft zichzelf trouw, ook in zijn laatste fase: Zijn denken kent geen einde….

Graftdijk 1992

Het is dan ook volkomen onbegrijpelijk dat in 1992 Thomas Graftdijk een latere versie van dat niet bestaande werk heeft vertaald en dat uitgeverij Boom dit in zijn Nietzsche-collectie heeft opgenomen – daarbij de hoofdtitel en de ondertitel omdraaiend.4 Had er nu een degelijk inleiding bij gestaan, dan was het tot daaraantoe, maar er is geen inleiding, enkel een zeer kort nawoord/verantwoording. De vertaler noemt daar wel de naam van de tekstbezorger van zijn bron ‘Friedrich Würzburg’, maar vergeet te vermelden dat deze dit boek in 1940 publiceerde èn niet om de nazistische lezing een stok in het wiel te steken, wel in tegendeel.** In het Nederlandse taalgebied wordt zo de suggestie versterkt dat Nietzsche zo’n werk toch wel ongeveer voor ogen moet hebben gehad. Quod non.


NOTEN

  1.  Riera Ginestar heeft in 2024 een reconstructie van de 12 hoofdstukken proberen te maken op grond van het beschikbare materiaal. Zij komt tot de conclusie dat Magnum in parvo eigenlijk een combinatie is van Götzen-Dämmerung (hoofdstukken 2, 3, 4, 5, 6, 10, 11 und 12) en Antichrist (hoofdstukken 1, 7, 8 und 9. Meer niet
  2. In de Nederlandse editie van Nietzsche’s werken beslaan deel 6 en 7 de periode 1885-1888, in de Duitse zijn dat de delen 12 en 13
  3. De Duitse tekst is beginnen te verschijnen in 1967, en was eind jaren 1970 compleet beschikbaar. De Nederlandse set vescheen tussen 2001-2023↗. In de Duitse editie wordt de erg verwarrende wordingsgeschiedenis van ‘Die Wille zur Macht’ helemaal uit de doeken gedaan. Giorgio Colli en Mazzino Montinari: Friedrich Nietzsche, Sämtliche Werke. Kritische Studienausgabe in 15 Bänden (KSA). München/Berlijn-New York (Deutscher TaschenbuchVerlag /Walter deGruyter) 1980; 1988 (2de druk)
  4. Het werk dat Graftdijk vertaalde en waarvan hij zelfs verzuimt de titel en het jaartal te vermelden is: Das Vermächtnis Friedrich Nietzsches. Versuch Einer Neuen Auslegung Allen Geschehens und Einer Umwertung Aller Werte. Aus Dem Nachlass und Nach Den Intentionen Nietzsches Geordnet Von Dr. Friedrich Würzbach, 1940. In Duitsland is dit werk in 1969 ook nog eens in twee delen herdrukt als ‘Fr. Nietzsche, Die Umwertung aller Werte. Aus dem Nachlaß zusammengestellt und herausgegeben von Friedrich Würzburg, mit einem Vorwort von Heinz Friedrich...’ Graftdijks bron?