Messiaen

uit DE STANDAARD 6 nov 2018:

BRIEF VAN DE DAG

Messiaen

Benno Barnard – Schrijver

Olivier Messiaen componeerde Et exspecto resurrectionem mortuorum in opdracht van de Franse minister van Cultuur André Malraux. Het werk, voor het eerst uitgevoerd in 1965, gedenkt de doden van de beide wereldoorlogen. Messiaen was katholiek en het oeuvre van die invloedrijke modernist bevat talloze katholieke elementen. Er is in de loop der eeuwen aardige christelijke muziek geschreven. Dat gebeurt nog steeds. Zo belijdt Arvo Pärt het Russisch-orthodoxe christendom.

Bij de uitvoering van I Solisti van dit werk in De Singel werden de titels van de vijf delen geprojecteerd, Bijbelverzen als ‘Uit de diepten roep ik tot U, o Heer’, Psalm 130. Ook als Messiaen een geharde republikeinse godloochenaar was geweest, zou het niemand verbazen dat een muziekstuk gewijd aan zestig miljoen doden vergezeld gaat van citaten uit de Bijbel. Die bibliotheek bevat onze oudste collectieve noties over het menselijke leven en sterven, waarvan de belangrijkste luidt dat het leven de dood overwint – hoe men dat verder ook wil interpreteren.

Maar, zo stond in de recensie van de uitvoering in deze krant, ‘hun dogmatische religieuze boodschap drong niet meteen door (…) later werd de bedenkelijke ideologie van Messiaens muziek plots voelbaar’ (DS 31 oktober). Ik wreef mijn ogen uit: er bestaat dus een vorm van antiklerikaal surrealisme. Ook menig atheïst met smaak en gevoel en kennis van de Europese beschaving zal opkijken bij de bewering dat enkele van de ontroerendste woorden uit onze traditie, tekstflarden die het leven boven de dood verheffen, uitingen van een soort kwaadaardig fundamentalisme zouden zijn.

Als Messiaens nobele schepping ‘bedenkelijk’ is, zijn de cantates van Bach dat ook. Ja, de hele westerse kunstgeschiedenis is dan een emanatie van een abjecte ideologie, tot en met de gedichten van een dichter als Les Murray. En vergis u niet, ook het gebeente van atheïstische kunstenaars is geformeerd uit christelijke grondstof. En hoe meer beelden ze kapotslaan, hoe harder God moet lachen – zie bijvoorbeeld Jan Fabres narcistische Pieta.

Is zestig miljoen doden gedenken in de hoop op iets dat – op welke manier dan ook – de dood overstijgt een openbaring van een ‘bedenkelijke ideologie’? Zo’n kwalificatie van Et exspecto komt mij voor als een openbaring van christianofoob fundamentalisme en van een verregaand gebrek aan smaak, ontwikkeling, goede manieren en fijnzinnigheid.

Ik zal u iets vertellen. Orgelmuziek van Messiaen werd bij mijn vaders uitvaart gespeeld (dat had hij zo bepaald, hij speelde zelf goed orgel) en op de grafsteen van mijn doodgereden dochter, in saecula saeculorum achttien, staat een citaat uit de Brief van Paulus aan de Romeinen.